Val door lichtdoorlatende dakplaat; bewuste roekeloosheid werknemer doordat werken zonder vallijn niet noodzakelijk was

Rechtbank Overijssel 25 januari 2022
Verzoeker was werkzaam op het dak van een manege. Daarbij was hij met een harnasgordel met een paar meter lange vallijn gezekerd. Op enig moment heeft verzoeker de vallijn losgekoppeld van de kabel, en is door een lichtdoorlatende dakplaat heen zeven meter naar beneden gevallen. De kantonrechter is van oordeel dat er sprake is van bewuste roekeloosheid. Het manoeuvreren zonder vallijn had te maken met een persoonlijke voorkeur in plaats van feitelijke omstandigheden die dit nodig maakten.
Verzoek Rechtbank
Verzoeker verzoekt de rechtbank:

(1) voor recht te verklaren dat Global volledig aansprakelijk is voor de schade als gevolg van het arbeidsongeval;

De rechtbank voegt hier aan toe dat het verzoek expliciet op artikel 7:658 BW is gericht.

 

De kantonrechter is van oordeel dat de werkgever aan zijn zorgplicht heeft voldaan. De werkgever heeft adequate maatregelen en voorzieningen heeft getroffen met betrekking tot het werken op hoogte en ter voorkoming van de verwezenlijking van valrisico’s, namelijk: een RI&E, toolboxmeetings, inventarisatie van de risico’s op verschillende momenten, beschikbaar stellen van technische voorzieningen en het geven van instructies hierover. Bovendien is geen boeterapport opgelegd door de Inspectie SZW, omdat de overtreding van de Arbeidsomstandighedenwet niet verwijtbaar is.

Het ongeval is het gevolg van eigen bewust roekeloos handelen aan de zijde van verzoeker. Verzoeker wist dat het werk aangelijnd moest worden gedaan. Bovendien kende hij de situatie ter plaatse goed en hij was goed op de hoogte van de risico’s met de lichtdoorlatende plaat.

Verzoeker heeft onvoldoende onderbouwd dat de vallijn te kort was om de plaat behoorlijk aan te kunnen pakken. Dat het prettiger was om zonder lijn te manoeuvreren heeft te maken met eigen persoonlijke voorkeur in plaats van feitelijke omstandigheden.

Het bovenstaande brengt met zich mee dat verzoeker willens en wetens en zich bewust van het gevaar, zijn vallijn heeft losgekoppeld. Dit was niet noodzakelijk. Verzoeker heeft hiermee bewust roekeloos gehandeld.

(2) de kosten van de deelgeschilprocedure te begroten op € 5.130,40 en om Global te veroordelen tot betaling van dit bedrag. Verzoeker wordt in het ongelijk gesteld, en wordt veroordeeld in de proceskosten van de werkgever en diens verzekeraar (€ 150 ,- wegens salaris gemachtigde).

De werknemer koos er bewust voor om zonder vallijn te werken, vanwege een persoonlijke voorkeur. Dit druist in tegen de instructies van de werkgever. De schade is het gevolg van bewust roekeloos handelen. De werkgever hoefde hierop niet bedacht te zijn.